Column

Het leed dat hospiteren heet

“Heb je al iets nieuws gevonden waar je op kunt reageren?”, is de standaardvraag die gesteld wordt wanneer ik in het weekend weer eventjes thuis kom in de prachtige stad die Arnhem heet. Het antwoord is eigenlijk altijd ”Nee“. Sinds ik vorig jaar tot de conclusie kwam dat ik mijn studentenleven in Amsterdam wil doorbrengen, wist ik dat het moeilijk ging worden op het gebied van woonruimte. Na eindeloos hospiteren in Amsterdam heb ik mijn grenzen wat verbreed en ben ik uiteindelijk in Haarlem terecht gekomen. Een goede oplossing zou je denken, maar het heeft de wens om in Amsterdam te wonen alleen maar sterker gemaakt.

Afgelopen week zag ik de korte documentaire van BNNVARA; Helaas je bent het niet geworden. Hierin zie je hoe Sophie, een meisje van achttien jaar en net begonnen aan haar studie, in Amsterdam verschillende keren hospiteeravonden bezoekt en keer op keer niet gekozen wordt. Voor mij – en als ik het mag geloven een hoop anderen onder ons – is het zien van de documentaire een feest van herkenning.

De eerste indruk
Hospiteren is een heel raar fenomeen, als je er eens goed over nadenkt. Op grond van een berichtje wat pakweg niet langer is dan 200 woorden, waarin je iets over jezelf vertelt, word je uitgenodigd voor de hospiteeravond. Op deze avond bezoek je het (wellicht toekomstige) huis waar je in gaat wonen met diens bewoners; de toekomstige huisgenoten. Na een biertje daar en een gesprekje hier mag je vaak alweer gaan, met de reden dat de volgende ronde alweer klaar staat om de indruk te overtreffen die jij zojuist hebt proberen achter te laten. Hierdoor krijg je al snel het gevoel dat het eigenlijk helemaal niet zoveel zin heeft, dat hospiteren. En eigenlijk is dat ook wat je van de mensen die al in het huis wonen hoort; het is gewoon verschrikkelijk lastig om iemand uit te kiezen op een eerste indruk die je krijgt van iemand door een gesprekje van maximaal vijf minuten.

Nu is een eerste indruk bij mij nooit echt het sterkste punt geweest; iets wat ook pijnlijk duidelijk wordt in het aantal hospiteeravonden wat ik in de afgelopen tijd heb gehad. Al raak je wel meer ervaren in het houden van small talk (voor iemand die daar geen ster in is, is dat best handig) en kom je er na een paar keer hospiteren ook wel achter dat je niet degene wil zijn die heel uitbundig en enthousiast is. They can’t handle it if you’re a little too extra.  

Je raakt meer ervaren in het houden van small talk en komt erachter wie je níet wil zijn tijdens het hospiteren

Hospiteren kun je leren
In de documentaire zie je niet alleen hoe de hospiteeravonden verlopen, maar wordt ook weergegeven hoe het uitzoeken van kamers gaat en zie je het wanneer Sophie wordt gebeld. Dit vaak met slecht nieuws, omdat ze het niet is geworden. “Sorry, je bent heel gezellig maar we hebben toch iemand gevonden die beter bij ons past.” of “Ja, we vonden het superleuk dat je er was maar helaas ben je het niet geworden.”  Is een greep van de standaardzinnen die ze door de telefoon schallen om haar te vertellen dat ze haar zoektocht toch maar weer moet voortzetten.

Als ultiem redmiddel neemt ze uiteindelijk nog wat tips door die als titel Hospiteren kun je leren hebben. Het gebruikelijke komt langs zoals “Wees altijd jezelf”,  “Liever een leuke middenmoter dan een uitgesproken of stil persoon”, en “Maak je geen zorgen over de klik, het is pas erg als je er moet wonen en er geen klik is”. De documentaire sluit af met een laatste telefoongesprek waarin Sophie goed naar de tips heeft gekeken; ze krijgt een kamer aangeboden maar ze slaat deze af. De klik was niet wederzijds en zo zet de zoektocht zich toch weer voort.

Obsessie
Ook ik zet mijn zoektocht in het wereldje van de Amsterdamse studentenkamers geduldig voort. Misschien is het juist goed om er niet te veel op te focussen. Eigenlijk weet ik dat wel zeker, na een tijd redelijk obsessief gezocht te hebben en met de dag gefrustreerder te worden focus ik me maar op andere dingen en reduceer ik het obsessieve gedrag tot één avondje kamers zoeken per week. Het maakte me namelijk niet echt gezelliger. Ik vind het heel jammer dat ik er nog niet in geslaagd ben een plekje in Amsterdam te bemachtigen, maar dit zal het hopelijk des te zoeter maken wanneer het wel eindelijk zal lukken. Want ik weet zeker dát het me lukt. Ooit.

P.S. Heb je een kamer vrij in Amsterdam? Holler at me!

Cover: Daniil Vnoutchkov

Reacties

reacties

Loïs Marcus
As a second year Communication Science-student, Loïs finally found her spot in the Medium editorial office as an editor and writer. Besides writing and interviewing people for Medium she’s very passionate about playing volleybal, food, being with her friends and having wines, dancing and spending time with her family. One thing she’s super proud of is the fact that she’s half Indonesian, ask her about it and she won’t shut up. Another thing she’ll never shut up about is that you have to take good care of yourself and live life, fuck perfection

    You may also like

    Comments are closed.

    More in Column